Gids

DORA-verordening: wie valt eronder en wat moet je regelen?

DORA is verordening (EU) 2022/2554 over digitale operationele weerbaarheid en geldt sinds 17 januari 2025. De verordening raakt vrijwel de hele financiële sector plus hun ICT-dienstverleners en rust op vijf pijlers: ICT-risicobeheer, incidentrapportage, weerbaarheidstesten, beheer van ICT-derden en informatiedeling. In Nederland houden DNB en AFM toezicht.

Laatst bijgewerkt op

Wat DORA is

DORA staat voor Digital Operational Resilience Act, in het Nederlands de verordening digitale operationele weerbaarheid. Het is verordening (EU) 2022/2554, in werking getreden in januari 2023 en van toepassing sinds 17 januari 2025. Er hoort een begeleidende richtlijn bij, (EU) 2022/2556, die bestaande financiële richtlijnen op DORA laat aansluiten.

Omdat het een verordening is en geen richtlijn, werkt DORA rechtstreeks. Er is geen Nederlandse omzettingswet nodig en er is geen nationale speelruimte om de eisen af te zwakken. Wat in de verordening staat, geldt.

De aanleiding is simpel: financiële instellingen zijn de facto ICT-bedrijven geworden, en het toezicht daarop was versnipperd over losse circulaires en richtlijnen per sector. DORA legt één set eisen neer voor de hele sector, met als centrale gedachte dat een instelling een ernstige ICT-verstoring moet kunnen doorstaan zonder dat de dienstverlening omvalt.

Wie onder DORA valt

De verordening noemt ongeveer twintig typen financiële entiteiten. De lijst is breder dan alleen banken en verzekeraars: ook betaaldienstverleners, crypto-aanbieders en pensioenfondsen staan erop. Val je onder een van deze categorieën, dan geldt DORA voor je, ongeacht of je zelf ICT ontwikkelt of alles inkoopt.

  • Kredietinstellingen, betalingsinstellingen en instellingen voor elektronisch geld.
  • Beleggingsondernemingen, beheerders van beleggingsinstellingen en beheermaatschappijen van icbe's.
  • Verzekerings- en herverzekeringsondernemingen, plus verzekerings- en herverzekeringstussenpersonen.
  • Instellingen voor bedrijfspensioenvoorziening, in Nederland de pensioenfondsen.
  • Aanbieders van cryptoactivadiensten en uitgevers van activagerelateerde tokens.
  • Centrale effectenbewaarinstellingen, centrale tegenpartijen, handelsplatformen en transactieregisters.
  • Ratingbureaus, beheerders van kritieke benchmarks en securitisatieregisters.
  • Crowdfundingdienstverleners en aanbieders van dataverstrekkingsdiensten.
  • ICT-dienstverleners van de sector, met een aparte en zwaardere positie voor de kritieke aanbieders.

ICT-leveranciers: indirect of direct

Lever je ICT aan financiële entiteiten, dan raakt DORA je hoe dan ook. Voor de meeste leveranciers gaat dat indirect: je klant moet contractueel een reeks zaken vastleggen die de verordening voorschrijft, en die eisen komen via het contract bij jou terecht. Denk aan toegangs- en auditrechten, exit-scenario's, locatie van gegevensverwerking en meldafspraken bij incidenten.

Voor een kleine groep gaat het verder. Aanbieders die door de Europese toezichthouders worden aangewezen als kritieke ICT-derde dienstverlener komen onder rechtstreeks Europees toezicht te staan, met een aangewezen hoofdtoezichthouder die aanbevelingen kan doen en dwangsommen kan opleggen.

Evenredigheid voor kleinere entiteiten

DORA werkt met evenredigheid. Kleine en niet-verweven entiteiten mogen een vereenvoudigd raamwerk voor ICT-risicobeheer hanteren, met minder zware eisen dan het volledige raamwerk. Dat is geen vrijstelling: de kern blijft staan, alleen de diepgang verschilt.

Wie precies onder dat vereenvoudigde regime valt staat in de verordening zelf en wordt door de toezichthouder getoetst. Ga er niet vanuit dat je erin valt omdat je klein bent, maar controleer het aan de criteria.

De vijf pijlers van DORA

DORA is opgebouwd rond vijf pijlers. De eerste vier zijn verplichtingen, de vijfde is vrijwillig. Samen vormen ze de eisen waar een instelling aantoonbaar aan moet voldoen.

De vijf pijlers van DORA en wat ze in de praktijk van een instelling vragen.
PijlerWat het inhoudtWaar het in de praktijk op neerkomt
ICT-risicobeheerEen raamwerk voor het beheersen van ICT-risico, met beleid, procedures en tools, onder verantwoordelijkheid van het leidinggevend orgaanActueel overzicht van ICT-middelen en afhankelijkheden, detectie, respons, herstel, back-up en communicatie bij verstoringen
IncidentrapportageClassificeren van ICT-gerelateerde incidenten en het melden van ernstige incidenten aan de toezichthouderEen classificatieproces, een meldketen die de termijnen haalt en drie rapportages per ernstig incident
WeerbaarheidstestenEen testprogramma dat past bij omvang en risicoprofiel, met voor aangewezen entiteiten dreigingsgestuurde penetratietestenJaarlijks basistesten, plus TLPT voor de instellingen die daarvoor zijn aangewezen
Beheer van ICT-derdenrisicoBeheersen van risico bij uitbesteding, met verplichte contractbepalingen en een register van informatieContracten aanpassen, een leveranciersregister bijhouden en exit-strategieën vastleggen
InformatiedelingVrijwillig uitwisselen van informatie over cyberdreigingen binnen vertrouwde kringenAansluiten bij een sectoraal samenwerkingsverband, geen verplichting

Incidentrapportage: classificeren en melden

DORA verplicht tot het registreren van alle ICT-gerelateerde incidenten en het melden van de incidenten die als ernstig kwalificeren. De classificatie gaat langs criteria als het aantal geraakte klanten, de duur en de uitval, de geografische spreiding, het gegevensverlies, de kritikaliteit van de geraakte diensten en de economische impact.

Bij een ernstig incident volgen drie rapportages: een eerste kennisgeving, een tussentijds rapport en een eindrapport. De precieze termijnen staan in de technische normen bij de verordening. Ze zijn strak, en dat is bewust: de eerste melding hoort binnen enkele uren te vertrekken en niet pas als het beeld compleet is.

De rapportagemomenten bij een ernstig ICT-incident, zoals uitgewerkt in de technische normen bij DORA. Controleer de actuele termijnen bij je toezichthouder.
RapportageWat je indientTermijn
Eerste kennisgevingMelding dat er een ernstig incident is, met wat op dat moment bekend isBinnen enkele uren na classificatie als ernstig, en uiterlijk binnen 24 uur nadat je het incident hebt vastgesteld
Tussentijds rapportBijgewerkt beeld: status, impact op klanten en diensten, genomen maatregelenBinnen 72 uur na de eerste kennisgeving, en opnieuw bij een relevante statuswijziging
EindrapportOorzaakanalyse, definitieve impact, herstelmaatregelen en lessenUiterlijk één maand na het meest recente tussentijdse rapport
Vrijwillige meldingMelding van een significante cyberdreiging die je zelf hebt waargenomenGeen termijn, dit is een mogelijkheid en geen plicht

Meerdere meldplichten tegelijk

Een incident kan onder meerdere regimes vallen. Raakt het persoonsgegevens, dan loopt daarnaast de datalekmelding uit de AVG met haar eigen termijn van 72 uur en haar eigen ontvanger, de Autoriteit Persoonsgegevens. Voor betaaldienstverleners kunnen bovendien de bestaande meldkaders voor betalingsverkeer meelopen.

Regel daarom één interne meldketen die alle regimes tegelijk bedient. Twee losse procedures die pas bij een incident naast elkaar worden gelegd, halen de termijnen niet.

ICT-derden en het register van informatie

De pijler die in de praktijk het meeste werk oplevert is het beheer van ICT-derdenrisico. DORA schrijft voor welke bepalingen in een contract met een ICT-dienstverlener moeten staan, en die eisen zijn zwaarder voor diensten die kritieke of belangrijke functies ondersteunen.

Daarbovenop komt het register van informatie: een gestructureerd overzicht van alle contractuele afspraken over ICT-diensten, dat je actueel houdt en periodiek bij de toezichthouder aanlevert. Het register is geen administratieve bijvangst maar het instrument waarmee toezichthouders concentratierisico in de sector in kaart brengen.

  • Een volledige en actuele beschrijving van alle uitbestede ICT-diensten, met onderscheid tussen diensten die wel en niet een kritieke of belangrijke functie ondersteunen.
  • Contractuele bepalingen over dienstverleningsniveau, locatie van gegevensverwerking en gegevensopslag, en beveiligingseisen.
  • Toegangs-, inspectie- en auditrechten voor de entiteit en voor de toezichthouder.
  • Voorwaarden voor onderaanneming: welke subverwerkers zijn toegestaan en onder welke voorwaarden.
  • Opzeggingsgronden en een exit-strategie die zonder onderbreking van de dienstverlening uitvoerbaar is.
  • Meldafspraken bij incidenten en bijstand van de leverancier tijdens een incident.

Concentratierisico is een eigen onderwerp

DORA vraagt expliciet om te kijken naar afhankelijkheid van één aanbieder of van een klein aantal aanbieders. Draait je hele kritieke keten bij één cloudprovider, dan is dat een risico dat je beoordeelt en waarover je een besluit vastlegt.

Dat besluit hoeft niet te zijn dat je overstapt. Het moet wel een bewust besluit zijn, genomen op het juiste niveau, met een exit-scenario dat meer is dan een alinea in een contract.

Weerbaarheidstesten en TLPT

Elke entiteit heeft een testprogramma nodig dat past bij haar omvang en risicoprofiel. Daar vallen kwetsbaarhedenscans, penetratietesten, testen van bedrijfscontinuïteit en herstelplannen, en compatibiliteits- en prestatietesten onder. Systemen die kritieke of belangrijke functies ondersteunen worden ten minste jaarlijks getest.

Voor een aangewezen groep instellingen komt daar dreigingsgestuurd penetratietesten bij, afgekort TLPT. Dat is geen gewone pentest maar een gesimuleerde aanval op productiesystemen, gebaseerd op actuele dreigingsinformatie, uitgevoerd door externe testers en onder toezicht. In Europa leunt dat regime op het TIBER-EU-raamwerk, dat DNB in Nederland al langer toepast als TIBER-NL.

Wie zo'n test moet doen wordt aangewezen door de toezichthouder, en de cyclus is meerjarig. Voor de instellingen die eronder vallen is dit de zwaarste verplichting uit de verordening, zowel qua doorlooptijd als qua voorbereiding.

Toezicht door DNB en AFM, en de sancties

In Nederland is het toezicht verdeeld zoals het financieel toezicht dat altijd al is. De Nederlandsche Bank houdt prudentieel toezicht op onder meer banken, verzekeraars, pensioenfondsen en betaalinstellingen. De Autoriteit Financiële Markten houdt gedragstoezicht en is voor onder meer beleggingsondernemingen, beheerders van beleggingsinstellingen en handelsplatformen de bevoegde autoriteit. Veel instellingen hebben met beide te maken.

DORA harmoniseert de boetehoogtes voor financiële entiteiten niet: de bevoegdheden en de sancties lopen via de bestaande nationale toezichtkaders, waaronder de Wet op het financieel toezicht. In de praktijk betekent dat het hele bestaande instrumentarium: aanwijzingen, lasten onder dwangsom, bestuurlijke boetes en publicatie van maatregelen.

Voor kritieke ICT-derde dienstverleners geldt wel een eigen Europees instrument. De hoofdtoezichthouder kan een dwangsom opleggen van maximaal 1 procent van de gemiddelde wereldwijde dagomzet, voor een periode van maximaal zes maanden, zolang de aanbeveling niet wordt opgevolgd.

DORA naast NIS2, de AVG en ISO 27001

De vraag die het vaakst terugkomt is of een financiële instelling naast DORA ook NIS2 moet doen. Het antwoord staat in NIS2 zelf: waar een sectorale Europese regeling ten minste gelijkwaardige eisen stelt, gaat die regeling voor. DORA is zo'n regeling en werkt dus als lex specialis voor ICT-risicobeheer, incidentmelding, testen en het beheer van ICT-derden.

Dat betekent niet dat NIS2 volledig verdwijnt uit beeld. Het banken- en financiële-marktinfrastructuurdeel staat gewoon in bijlage I van de richtlijn, en NIS2-verplichtingen die buiten het bereik van DORA vallen kunnen blijven gelden. Voor de onderwerpen die DORA regelt is DORA leidend.

  • NIS2: voor financiële entiteiten gaat DORA voor op de onderwerpen die DORA regelt. Lever je aan de sector zonder er zelf onder te vallen, dan kan NIS2 nog steeds jouw regime zijn. Zie de NIS2-gids.
  • AVG: raakt een ICT-incident persoonsgegevens, dan loopt de datalekmelding aan de Autoriteit Persoonsgegevens naast de DORA-rapportage, met een eigen termijn en een eigen ontvanger. Zie de AVG-gids.
  • ISO 27001: dekt een groot deel van de basis onder pijler 1, maar niet de DORA-specifieke rapportages, het register van informatie en het TLPT-regime. Een certificaat is geen bewijs van DORA-naleving. Zie de ISO 27001-gids.

Waar je vandaag mee begint

DORA geldt al, dus de vraag is niet of je begint maar waar het gat het grootst is. Bij de meeste instellingen zit dat gat in de ICT-derdenpijler en in de meldketen, niet in de techniek.

  • Stel vast onder welke categorie je valt en of het vereenvoudigde raamwerk voor jou geldt. Leg die onderbouwing vast.
  • Breng je ICT-diensten en leveranciers in kaart en bepaal per dienst of hij een kritieke of belangrijke functie ondersteunt.
  • Toets je contracten aan de verplichte bepalingen en plan de heronderhandelingen die daaruit volgen.
  • Richt één meldketen in die DORA en de AVG tegelijk bedient, met een classificatiestap die binnen enkele uren tot een besluit leidt.
  • Zet je testprogramma op papier en controleer of je onder het TLPT-regime valt.

Begin bij het deel dat vandaag al meetbaar is

De technische buitenkant van je organisatie is direct te toetsen. Onze gratis domeinscan controleert TLS, security headers, DNSSEC, e-mailbeveiliging en een reeks andere publiek zichtbare instellingen, en laat zien welke daarvan meetellen als bewijs voor normen als ISO 27001 en voor de beveiligingsplichten uit DORA en de AVG.

Wil je weten hoeveel werk de rest is, reken het dan door zonder account. Je krijgt de werklast per onderwerp op basis van je sector en omvang, en je ziet in welke volgorde het werk logisch loopt.

Verder lezen

Zie waar je nu staat

Twee manieren om dit concreet te maken, allebei zonder account.

Scan je domein gratis Bereken je werklast

Veelgestelde vragen

Sinds wanneer geldt DORA?
DORA is verordening (EU) 2022/2554, in werking getreden in januari 2023 en van toepassing sinds 17 januari 2025. Omdat het een verordening is en geen richtlijn werkt hij rechtstreeks: er is geen Nederlandse omzettingswet en geen nationale ruimte om de eisen af te zwakken. De verplichtingen gelden dus nu al.
Wie valt onder DORA?
Ongeveer twintig typen financiële entiteiten, waaronder banken, betaalinstellingen, elektronischgeldinstellingen, beleggingsondernemingen, verzekeraars en tussenpersonen, pensioenfondsen, aanbieders van cryptoactivadiensten, handelsplatformen, centrale tegenpartijen, ratingbureaus en crowdfundingdienstverleners. Daarnaast raakt DORA hun ICT-dienstverleners, met een aparte positie voor de aanbieders die als kritiek worden aangewezen.
Val ik als ICT-leverancier onder DORA?
Meestal indirect. Je klant moet contractueel eisen vastleggen die de verordening voorschrijft, zoals audit- en toegangsrechten, locatie van gegevensverwerking, voorwaarden voor onderaanneming, meldafspraken en een uitvoerbare exit-strategie. Die eisen bereiken je via het contract. Word je aangewezen als kritieke ICT-derde dienstverlener, dan kom je onder rechtstreeks Europees toezicht.
Wat zijn de vijf pijlers van DORA?
ICT-risicobeheer, rapportage van ICT-gerelateerde incidenten, testen van digitale operationele weerbaarheid, beheer van risico bij ICT-derden en het delen van informatie over cyberdreigingen. De eerste vier zijn verplicht en vragen elk om vastgelegd beleid, aantoonbare uitvoering en registraties. De vijfde, informatiedeling binnen vertrouwde kringen, is uitdrukkelijk vrijwillig en kent geen eigen verplichtingen.
Moet ik naast DORA ook aan NIS2 voldoen?
Voor de onderwerpen die DORA regelt gaat DORA voor: de NIS2-richtlijn bepaalt zelf dat een sectorale Europese regeling met ten minste gelijkwaardige eisen voorrang heeft. Dat betekent niet dat NIS2 helemaal uit beeld verdwijnt, want verplichtingen buiten het bereik van DORA kunnen blijven gelden. Op ICT-risicobeheer, incidentmelding en testen is DORA leidend.
Wat is het register van informatie?
Een gestructureerd overzicht van alle contractuele afspraken over ICT-diensten, inclusief de vraag of een dienst een kritieke of belangrijke functie ondersteunt. Je houdt het actueel en levert het periodiek aan bij de toezichthouder. Het is het instrument waarmee toezichthouders concentratierisico in de sector in kaart brengen, dus de kwaliteit ervan wordt daadwerkelijk beoordeeld.
Wat is TLPT?
Threat-led penetration testing, oftewel dreigingsgestuurd penetratietesten. Een gesimuleerde aanval op productiesystemen, gebaseerd op actuele dreigingsinformatie, uitgevoerd door externe testers en onder toezicht. In Europa leunt het regime op TIBER-EU, dat DNB in Nederland toepast als TIBER-NL. Alleen aangewezen instellingen moeten het doen, in een meerjarige cyclus.
Wie houdt in Nederland toezicht op DORA?
De Nederlandsche Bank en de Autoriteit Financiële Markten, verdeeld volgens het bestaande financieel toezicht: DNB prudentieel voor onder meer banken, verzekeraars, pensioenfondsen en betaalinstellingen, de AFM voor gedrag bij onder meer beleggingsondernemingen en handelsplatformen. Veel instellingen hebben met beide te maken. Kritieke ICT-derde dienstverleners vallen onder rechtstreeks Europees toezicht.
In control

Twee voordeuren. Eén doel.

Begin zelf met het platform of ga de diepte in met onze mensen. Allebei brengen ze je ICT in control.

Probeer het platform Vertel wat er speelt
Direct zelf proberen. Geen demo-gesprek nodig.